Fokken

[vc_row][vc_column][vc_empty_space height=”16px”][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column width=”2/3″][vc_column_text]Op deze pagina’s o.a. het fokreglement waarin staat waaraan voldaan moet worden wanneer u volgens de regels wilt fokken.  Tevens de door de SHKN erkende fokkers en de laatste uitslagen van de medische onderzoeken (HD onderzoek en oogafwijkingen) die van belang zijn bij de selectie van ouderdieren.

[/vc_column_text][/vc_column][vc_column width=”1/3″][vc_btn title=”Reglement Erkend Fokker (REF)” size=”lg” i_icon_fontawesome=”fa fa-file-text-o” css_animation=”none” add_icon=”true” link=”url:http%3A%2F%2Fshkn.nl%2Fde-siberian-husky%2Ffokken%2Freglement-erkend-fokker|||”][vc_btn title=”Fokreglement (VFR)” size=”lg” i_icon_fontawesome=”fa fa-file-text-o” css_animation=”none” add_icon=”true” link=”url:http%3A%2F%2Fshkn.nl%2Fde-siberian-husky%2Ffokken%2Ffokreglement%2F|||”][vc_btn title=”Voorbeeld verkoopcontract” size=”lg” i_icon_fontawesome=”fa fa-file-text-o” add_icon=”true” link=”url:http%3A%2F%2Fshkn.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2017%2F03%2FVerkoopcontract-SHKN.doc|||”][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column width=”2/3″][vc_wp_text title=”Verwachte en geboren nesten”][/vc_wp_text][stm_news loop=”size:4|order_by:date|order:DESC|post_type:post|categories:119″ posts_per_row=”4″ disable_preview_image=”disable” img_size=”150×150″][/vc_column][vc_column width=”1/3″][vc_empty_space height=”16px”][vc_single_image image=”3516″ img_size=”full” alignment=”center”][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column width=”1/2″][vc_tta_accordion][vc_tta_section title=”Beter fokken – Patricia Trotter” tab_id=”1509087758690-a5690a79-0e6a”][vc_wp_text]Onderstaand artikel is gepubliceerd in de AKC Gazette van augustus 2008. Patricia Trotter (Elkhounds) was in 2003 AKC Hound Group Breeder of the Year en mag meer dan 80 rassen keuren. Het artikel is ingezonden door Nies Heeringa en vertaald uit het Engels door Jiska en Gudrun van den Broek

[/vc_wp_text][/vc_tta_section][vc_tta_section title=”Sound Decisions Make Sound Dogs” tab_id=”1509087758870-50577242-4c8b”][vc_wp_text]

Vlak voor de Kentucky Derby van dit jaar werd er een artikel gepubliceerd in de Wall Street Journal met de titel “Racing’s Royal Bloodline”, waarin columnist Jon Weinbach een aantal punten naar voren bracht waar wij allemaal eens over na zouden moeten denken.

Weinbach ontdekte dat alle 20 paarden die meededen in de Derby van 2008 afstammelingen waren van Native Dancer. Het artikel weet de voortschrijdende vermindering van de diversiteit van genen, aan de extreme focus op bepaalde bloedlijnen, met mogelijk schadelijke gevolgen daar van voor het ras.

Hoewel Native Dancer beroemd was vanwege zijn snelheid en zijn uitzonderlijke begaafdheid, beweerde Weinbach dat in deze bloedlijn een “tragic flaw” (een fatale fout -red.) was opgetreden ten opzichte van de oorspronkelijke sterke constitutie. Weinbach’s grootste angst werd werkelijkheid. De jonge merrie Eight Belles plaatste zich tijdens de race op de tweede plek, maar moest afgemaakt worden omdat het niet één, maar beide voorbenen brak. De gerenommeerde “equine” orthopedisch (een bepaalde richting in de osteopatie -red.) chirurg Dr. Larry Bramlage was ter plaatse en verklaarde dat hij nog nooit een paard had gezien dat fracturen had opgelopen in beide benen. Dit was voor Weinbach de bevestiging dat het continu doorfokken via één bloedlijn op snelheid en prestatie op jonge leeftijd, ten koste van de oorspronkelijke degelijkheid en kwaliteit, zeer schadelijk is voor het ras.

Zijn fokkers in hun hang naar direct resultaat van het goede pad afgeweken? Moet dit gezien worden als een teken dat niet alleen de dieren, maar ook het systeem scheuren vertoont? Hebben zowel trainer als eigenaar hieraan schuld? Moeten jonge merries wel tegen jonge hengsten rennen, voordat ze volwassen zijn? Moeten ze überhaupt wel tegen elkaar rennen? De criteria voor het rennen met uitmuntende volbloed paarden zijn in de afgelopen jaren dramatisch veranderd.

In een vervolg artikel op bovenstaand drama, getiteld: “Derby Death Stirs Call for Change” (Dodelijk ongeluk roept op tot verandering – red.) citeert Weinbach Bramlage, die zei: “De kwaliteit van de paarden is volledig ondergeschikt geraakt, omdat het niet meer beloond wordt.” Jerry Brown, ook een paardendeskundige, beweert dat op de fokkersbijeenkomsten de grote, mooie veulens uitverkoren zijn op de “Jaarling” markten (de handel in eenjarige veulens – red.), zonder dat er gekeken wordt naar een sterke bouw van de dieren.

Wat heeft dit allemaal te maken met honden, vraagt u zich af. Veel. Denkt u maar aan woorden als prachtig, fraai, mooie vacht. Deze worden vaker gebruikt bij het beschrijven van een hond tijdens een show dan woorden als: correcte bouw, functioneel, atletisch, capabel. Als deze mooie en lieve honden, waarbij geschipperd is met talenten als bekwaamheid en functionaliteit, ten gunste van uiterlijk, desondanks winnen in de showring, wat zijn dan de lange termijn effecten ten opzichte van ons eigen genetisch materiaal?

Oké, honden zijn nog niet “kapot” gegaan, zoals dat bij de paarden plaatsvond, maar dat mag geen reden zijn om voorbij te gaan aan de extra inspanning die kwalitatief slechte honden moeten leveren, als ze moeten werken. Als u honden in de ring bekijkt, laat elk ras dan zien dat het de taak zou kunnen uitvoeren, waarvoor het oorspronkelijk bestemd is? Op konijnen jagen? Een hert omtrekken? Een kudde beschermen?

Hebben veel van onze hondenfokproducten te lijden onder een overmaat van slechte kwaliteit DNA in hun genen, net zoals die arme volbloed paarden die sneller kunnen rennen dan hun benen aankunnen? Er is ook een schare aan volbloedpaarden waarvan de algehele kwaliteit dermate hoog is dat ze tot op hoge leeftijd kunnen deelnemen aan wedstrijden. Een voorbeeld daarvan is de beroemde dochter van Secretariat, Terlingua die in april jongstleden stierf op 32 jarige leeftijd.

Nog afgezien van haar prestaties tijdens de wedstrijden, heeft ze de superhengst Storm Cat voortgebracht. Deze superkwaliteit volbloedpaarden zijn representatief voor het resultaat van een fokprogramma dat in de loop der jaren standvastig is gebleven in de keuze van welke dieren er toegevoegd moesten worden aan de bloedlijn en welke er buiten gehouden moesten worden.

Helaas beïnvloedt de hang naar winnen van paard, hond en zelfs menselijke atleten zulke beslissingen nogal eens. Een record breken is belangrijker geworden dan kwaliteit en duurzaamheid. We zijn zo gespitst op sneller, hoger, verder en het oprekken van onze uiterste limieten, dat we het zicht verliezen op wat we redelijkerwijs kunnen verwachten.

[/vc_wp_text][/vc_tta_section][vc_tta_section tab_id=”1509087891779-a6a61e7d-4977″ title=”… vervolg”][vc_wp_text]

In de hondenwereld moeten we oppassen dat er niet zo veel met teefjes gefokt wordt dat ze te gestrest raken om zich nog te kunnen voortplanten, waardoor het doel van een hondenshow, namelijk het zoeken naar een goede fokhond, een aanfluiting wordt. In tegenstelling hiermee worden er echter ook honden teveel achter de schermen gehouden, ter bescherming van de hond en om concurrentie te vermijden, waarbij sommige fokkers alleen maar een mooi uiterlijk zoeken, ten koste van alle andere kwaliteiten. Dit onder het mom van “type”.

Echter, “type” staat voor de vorm in de balans tussen “vorm en functie”. Historisch gezien refereert het woord “type” aan het originele uiterlijk, de karakteristieken en de aard van een dier, die het in staat stellen een bepaalde taak beter uit te voeren dan andere dieren. Het woord “type” houdt dus in, een totaal aan kenmerken en eigenschappen dat het ene ras onderscheidt van het andere. Waarbij wij in gedachten moeten houden dat vóór de uitvinding van hondenshows het woord type oorspronkelijk refereerde aan werkeigenschappen. Werktype is niet bepaald een eigenschap waar we als eerste aan denken bij de hedendaagse internationale hondenshows.

Niet minder dan de zeer gerespecteerde “hondenman” Ronnie Irving, voorzitter van de Kennel Club (Engeland), heeft zijn bezorgdheid hieromtrent geuit toen hij zei: “dogs should be fit for purpose” (honden moeten in staat zijn hun functie uit te voeren – red.). Irving, bekwaam keurmeester, die met zijn vrouw fokker is van een mooie lijn Border Terriërs, maakt zich zorgen over de toespitsing op elementen die niets te maken hebben met de werkeigenschappen, en ziet dit als een bedreiging voor het welzijn van onze fokproducten.

Gelukkig zijn er altijd nog de fokkers en de mensen die showen, die wel een goede bijdrage leveren aan onze sport. Zij begrijpen het gevaar van fokken met zwakheden in welke vorm dan ook. Net zoals er vele paardenmensen zijn die de verleiding weerstaan om degelijkheid op te geven in de hoop een snelheidskampioen te fokken, zijn er ook veel hondenfokkers die een goed karakter hebben en die doorgaan met inbrengen van sterke punten in de genetische lijnen.

Zij begrijpen dat je niet altijd, op korte termijn, de gewenste resultaten bereikt, maar hard moet werken om een lijn van goede kwaliteit te krijgen, zelfs als dat leidt tot tijdelijke verliezen in de showring. Zij blijven de originaliteit van het ras respecteren en weigeren de extreme interpretaties van het “type” te accepteren.

Het belangrijkste is echter, dat ze begrijpen dat een eigenschap, die bijdraagt aan de werkeigenschap van een hond, een plus is en een eigenschap die die kwaliteit vermindert, een fout is.

Het vreselijke drama bij het paardenrennen op de eerste zaterdag in mei is een waarschuwing voor ons allemaal: Elke diersoort is bestemd voor een bepaalde taak en heeft daarvoor ook de eigenschappen gekregen. Als fokkers bepaalde eigenschappen proberen door te fokken tot in het extreme, dan maken ze eigenlijk een karikatuur van dat ras en wordt de functionaliteit per definitie aangetast. De fokkers die dat soort extremen proberen te vermijden en kiezen voor stabiliteit, duurzaamheid en mentale en fysieke gezondheid, alsook voor de werkelijke kwaliteit van hun ras, verdienen ons respect. Zij zijn de echte “hondenvrienden”.

[/vc_wp_text][/vc_tta_section][/vc_tta_accordion][vc_separator][vc_tta_accordion][vc_tta_section title=”De keuze van de pup” tab_id=”1509088222661-6fdd33e6-49f1″][vc_wp_text]Onderstaand artikel werd gepubliceerd in Onze Hond van november 2006.
TEKST: ROB VAN HESTEREN

Pups worden door sommige fokkers al op een leeftijd van zes weken verkocht, maar zonder twijfel kan worden gesteld, dat een pup het beste in andere handen kan overgaan als hij acht weken oud is. Op die leeftijd zijn de pups ook erg aantrekkelijk en leuk, zowel in verschijning als in gedrag…
Als u een pup zoekt als huishond, is de keuze van het ras meestal wat minder belangrijk. Maar voor welk doel u een hondje ook verlangt, altijd zult u uw toekomstige huisgenoot met zeer veel zorg moeten selecteren. Want het is belangrijk dat deze hond, die zijn hele verdere leven in uw nabijheid zal blijven, zorgvuldig wordt uitgekozen. Zaken als ras, grootte, karakter en uiterlijk moeten bij onze keuze zeker meewegen en dat geldt des te meer als we een hond willen gaan houden voor tentoonstellingen of training.


(Foto: Nies Heeringa, Komaksiut’s Ruska 01-06-2010)

Gezondheid
Bij het uitzoeken van een pup is het allereerst van belang vast te stellen of het dier gezond is. Zijn neus moet koud en wat vochtig aanvoelen, zijn tanden dienen wit en gaaf te zijn, de tong moet roze-rood van kleur en schoon zijn. Hij moet helder uit zijn ogen kijken, terwijl in de ooghoeken geen vuil of afscheiding mag zitten. Kijk ook naar de huid, speciaal in de oksels en liezen, op de buik en aan de binnenkant van de oren, om te onderzoeken of er geen huidziekten voorkomen. Bekijk het pupje ook als hij loopt en rent. Let dan vooral op tekenen die kunnen wijzen op onvast of waggelend lopen, mogelijke verlammingen of zwakte in de gewrichten.

Actief
Een gezonde pup is oplettend, actief en speels, en heeft een levendige belangstelling voor alles wat er om hem heen gebeurt. Een pupje dat zich terugtrekt als u tegen hem praat en er geen plezier in heeft als u hem aanhaalt of wat met hem wilt spelen, dient nauwlettend in de gaten te worden gehouden. Het pupje kan nog wat slaperig zijn, maar ook verlegen voor vreemden zijn of overrompeld door een onbekende in zijn omgeving. Dit teruggetrokken gedrag van een pup kan echter ook een symptoom van ziekte, echte angst voor vreemde personen of omstandigheden, of een gebrek aan intelligentie zijn.
Als u uw keuze moet maken uit een nest kies dan een actieve en oplettende pup. In elk nest zijn er gewoonlijk wel enkele die opvallen door hun moed, en die vrij en zonder angst bij u komen. Dit hoeft niet altijd de grootste of de sterkste van het nest te zijn, maar dit is in elk geval een pupje waarop u bij voorkeur uw keuze kunt laten vallen.

Mollig
Een pup moet er mollig uitzien en zijn huid mag niet strak om zijn lichaam zitten. Als hij mager is en staat te rillen, kan een ernstige wormbesmetting hiervan de oorzaak zijn, of het kan wijzen op een ernstiger kwaal of aandoening. In zulke gevallen kan de aanstaande koper beter een wat levendiger en steviger hondje uitzoeken, hoewel het gevaar bestaat dat alle pups uit dat nest min of meer ernstig met wormen zijn besmet of aan een aandoening lijden. Het is dan beter te gaan kijken bij een ander en gezonder nest pups.

Ras of rasloos
Er wordt nog steeds veel onzin verteld en geschreven over vermeende gebreken bij raszuiver gefokte honden in vergelijking tot kruisingsproducten. De bewering dat een rasloze hond gezonder, sterker, gemakkelijker te trainen en liever is, is volkomen ongegrond. Goede en slechte honden vinden we bij alle rassen en bij alle rasloze honden. Maar bij aankoop van een rasloze pup is van tevoren meestal niet vast te stellen hoe groot hij uiteindelijk zal worden en wat voor gedrag hij later zal vertonen. Alle pups, van wat voor ras of kruising ook, zijn lief en aanlokkelijk, maar ze groeien lang niet allemaal op tot prachtige en lieve volwassen dieren.
Ook het liefste rasloze pupje kan, als het eenmaal volwassen is, tegenvallen, zowel in uiterlijk als in karakter. Gewoonlijk zijn bij rasloze honden de ouders niet bekend of is tenminste de vader onbekend, waardoor we dus niets over hun vererving, met name wat gedrag en uiterlijk betreft, weten. We moeten dan maar afwachten hoe dit bij de pup gaat uitgroeien.

Als we een pup van een zuiver gefokt ras nemen, hebben we veel meer gegevens ter beschikking. De beide ouders zijn bekend en men mag verwachten dat dit pupje, als het goed wordt grootgebracht, zal uitgroeien tot een waardige vertegenwoordiger van zijn ras. Zijn uiteindelijke gedragingen en uiterlijk kunnen, op zijn minst enigszins, beoordeeld worden aan die van zijn ouders.

Diensthonden
Als we kijken naar de bewering dat een rasloze hond gewoonlijk intelligenter en harder is dan een raszuivere hond, is het toch wel opmerkelijk dat overheidsdiensten die gebruik maken van honden, zoals leger, douane en politie, tegenwoordig steeds vaker gebruik maken van raszuiver gefokte honden. En dat hun ‘rasloze kruisingen’ nagenoeg altijd uit de zorgvuldig gefokte lijnen van politiehonden komen![/vc_wp_text][/vc_tta_section][/vc_tta_accordion][/vc_column][vc_column width=”1/2″][vc_text_separator title=”Erkende fokkers” title_align=”separator_align_left”][stm_news loop=”size:30|order_by:title|order:ASC|post_type:stm_staff” posts_per_row=”3″ img_size=”thumbnail”][vc_separator][vc_masonry_grid post_type=”ids” element_width=”12″ gap=”0″ item=”masonryGrid_FadeIn” grid_id=”vc_gid:1529488926966-47c81f11-1438-6″ include=”1713, 1715″][/vc_column][/vc_row]